Welkom bij TheHotSeat, pseudoniem voor een Gentse freelance webontwikkelaar. Maar bovenal een blog over webdesign, webontwikkeling en (digitale) vormgeving
Het schuifregister: de scrollbar als leidraad
13 Jan 2009•Elke dag opnieuw word ik via mijn RSS-lezer overstelpt door interessante artikels en blogs op het internet. De meeste daarvan skim ik heel snel en oppervlakkig. Maar als ik een artikel echt aandachtig wil lezen, dan maakt mijn oog eerst even een snelle sprong naar de schuifbalk. Die geeft me een idee over de lengte van het artikel. Het is de lengte van de tekst en mijn beschikbare vrije tijd die me helpen beslissen of ik het artikel meteen ga lezen of zal bookmarken onder ‘interessant’ om er later op terug te komen.
Geen goede waardemeter
Maar uit de hoogte van de schuifbalk is niet altijd even makkelijk af te leiden uit hoeveel tekst een blogpost bestaat. Een schuifbalk laat je scrollen tot het einde van een webpagina en dat is doorgaans een stukje verder dan het einde van de blogpost. Denk maar aan die blogs waar lezersreacties te zien zijn onderaan elke blogpost. Hoe meer reacties, hoe onjuister de verhouding tussen de lengte van de blogpost en de hoogte van de scrollbar.
Een schuifbalk moet schuiven
De schuifbalk is dus op zich geen goede waardemeter voor de lengte van de tekst. Geen verwijt aan het adres van de scrollbalk natuurlijk want die is in de eerste plaats ontworpen om te scrollen, en daar is ze ook verdomd goed in. In het licht van gebruiksvriendelijkheid en goed ontwerp zou het trouwens verkeerd zijn om de schuifbalk andere functies te gaan toedichten. Dat zou enkel leiden tot verwarring.
Mag het iets meer zijn?
Maar dat wil niet zeggen dat we haar huidige vorm en functie niet mogen versterken. In de Chrome browser heeft Google een vernuftig idee geïmplementeerd: als je een zoekactie start dan toont Chrome je aan de hand van markeringen in zijn schuifbalk waar die zoekterm voorkomt op de huidige pagina.

Het werkt verbazend intuïtief en de schuifbalk wordt er zeker niet minder gebruiksvriendelijk op. De gele streepjes versterken enkel de oorspronkelijke functie van de schuifbalk: navigeren naar een onzichtbaar stuk van de huidige webpagina. Waar je vroeger in het ongewisse verschoof, weet je nu perfect waar je het balkje naar toe moet schuiven.
Webdesigners
Als webdesigners hebben we natuurlijk - en gelukkig maar - geen controle over de schuifbalk zelf, maar Google Chrome heeft me wel aan het denken gezet. Ik ben heus niet de enige die graag het overzicht behoudt wanneer ik op een website kom en ik kan me inbeelden dat veel mensen gebruik maken van de schuifbalk om te zien hoe lang een tekst is vooraleer ze die beginnen te lezen. Of om snel een overzicht te krijgen van de volledige webpagina.
Digitaal duimregister
Misschien kunnen we net naast de schuifbalk markeringen aanbrengen die aanduiden waar zich de kernelementen van een webpagina bevinden: de blogpost en de reacties, of de hoofdstukken van een verhaal. Hieronder vind je een hele eenvoudige schets van het idee - een soort van online duimregister.

Door de schuifbalk te verplaatsen naar de markeringen kom je meteen op het juiste stuk van de webpagina terecht. De markeringen zelf zijn uiteraard altijd onbeweeglijk en zichtbaar, het maakt niet uit of je je bovenaan of onderaan de webpagina bevindt.
Over de technische uitwerking heb ik nog niet nagedacht maar als het mogelijk is, dan zal dat waarschijnlijk via een combinatie van absolute positionering en javascript zijn. Ik ben er wel van overtuigd dat dit schuifregister een hulp kan zijn voor vele online lezers. Vooral zij die op zoek zijn naar het soort van overzicht dat van nature wel vaker aanwezig is in de traditionele gedrukte media: boeken, kranten en tijdschriften.
Categorieën: Ontwerp, Opinies, Webomgeving,
Hoe kunnen we online identiteitscontrole gebruiksvriendelijker maken?
17 Dec 2008•Het online amalgaam van registratie en identiteitscontrole is sinds jaar en dag één grote knoeiboel. Elke website heeft zijn eigen variant op het systeem van persoonlijke identificatie en het aantal gebruikersnamen en wachtwoorden dat ik ondertussen moet onthouden is niet meer op de handen van een gemiddeld Belgisch gezin te tellen. Toen ik enkele weken terug een doordeweekse internetgebruiker versuft zag kijken naar haar scherm tijdens het registreren voor een Gmail e-mailadres kreeg ik alleen maar een bevestiging van het gevoel van verwarring.
Hoe kunnen we online identiteitscontrole gebruiksvriendelijker maken?
De situatie nu
Elke website volgt momenteel een eigen logica, de één al gestroomlijnder dan de ander. Die verschillen tussen websites onderling maken het er natuurlijk niet makkelijker op. De ene site laat je een herinneringsvraag invullen, de andere verwacht dat je klikt op een activeringslink in een e-mail, weer andere laten je inloggen via je e-mailadres en nog andere verwachten gewoon een gebruikersnaam en wachtwoord…
Gelukkig snellen de browsers ons te hulp tijdens het inloggen. Ze gaan heel vaak de gebruikersnaam en het wachtwoord per website gaan opslaan. En als de browser die onthoudt dan hoef ik het niet meer te doen! Dat is handig.
OpenID: een stap in de goeie richting
Enkele jaren geleden is OpenID in het leven geroepen. Dat was een grote stap voorwaarts want je hoeft nu maar 1 gebruikersnaam en wachtwoord meer te onthouden waarmee je inlogt in je OpenID identiteit. En met die OpenID identiteit kan je je dan aanmelden op alle websites die OpenID ondersteunen. Eén gebruikersnaam en wachtwoord voor heel veel websites dus.

Het nadeel is de vaak onduidelijke doorverwijzing van de website waar je wil inloggen naar de OpenID website. Het haalt je ook een beetje weg uit de navigatielogica en algemene look and feel van de website waarop je wil inloggen en kan in die zin verwarrend werken. En hoewel de lijst dag na dag groeit, zijn er nog altijd niet zoveel websites die OpenID ondersteunen.
Je identiteit koppelen aan de browser?
Waarom hangen we dan geen identiteit vast aan een browsersessie? Via een knop in de browser kan je jezelf aanmelden en sites kunnen dan gebruik maken van die browseridentiteit als je ze de toestemming geeft. Een simpele ‘Log in’ knop is dan voldoende op websites. Die knop stuurt een signaal naar de browser die reageert met de vraag of je je identiteit wil gebruiken op deze website. Jij geeft dan je toestemming waarop de browser de nodige informatie uit je browserprofiel doorstuurt naar de site.
Het voordeel: je beheert je profiel centraal op 1 plaats (lokaal op je computer of op een server zoals die van OpenID). Je hoeft dus geen 30 sites af te lopen wanneer je e-mailadres wijzigt. Maar ook aanmelden en registeren gebeurt altijd op dezelfde manier: via de browser. Het lijkt me een eenvoudig maar perfect realiseerbaar idee dat het proces van online identiteitscontrole toch een pak gestroomlijnder kan maken. Of stel ik het me een beetje te simplistisch voor?
Update: de Flock browser blijkt sinds kort via een extensie de mogelijkheid aan te bieden om via de browser zelf in te loggen op je OpenID identiteit. Die identiteit kan je dan gebruiken op alle sites die OpenID ondersteunen (zonder dat je dus doorverwezen wordt naar de site van je OpenID provider). Hoewel de grafische gebruikersinterface van de Flock extensie er nogal onhandig uitziet (Check deze video op de Flock blog maar even), is dit natuurlijk wel een hele grote stap in de goede richting.
Categorieën: Opinies, Webomgeving,
Waarom ik koos voor ExpressionEngine als cms voor mezelf en mijn klanten
10 Nov 2008•In een vorige blogpost had ik het over de reden waarom ik destijds gestopt ben met het ontwikkelen van mijn eigen handgecodeerd contentmanagementsysteem (cms) voor klanten. Vandaag wil ik je vertellen waarom ik uiteindelijk voor ExpressonEngine heb gekozen als vervangend cms.
Ontwerpen in alle vrijheid
ExpressionEngine laat me websites ontwerpen in alle vrijheid. Het systeem is zo flexibel dat het me de vrijheid geeft te ontwerpen en coderen op exact dezelfde manier waarop ik het altijd al heb gedaan. En dat is heel belangrijk voor mij. Pas wanneer de front-end perfect werkt zoals ik het wil, begin ik met de implementatie van ExpressionEngine als back-end. Het cms legt me dankzij het ingenieuze gebruik van templates, velden en tags geen enkele beperking op op het vlak van vormgeving of technische functionaliteit.
Krachtig genoeg voor de meeste websites
ExpressionEngine is heel krachtig en aanpasbaar zodat 95% van de websites die ik ontwikkel uitgewerkt kunnen worden met ExpressionEngine als back-end. Geen enkele websitestructuur bleek tot nu toe niet te passen in het EE plaatje. Daarenboven laat ExpressionEngine me toe om veel sneller de meestgevraagde websitefuncties (ik denk aan contactformulieren, weblogs of fotogalerijen) aan mijn klanten aan te bieden, én is het uiterst zoekmachinevriendelijk.
Eenvoudig aan te leren
ExpressionEngine werkt heel intuïtief en was voor mezelf heel eenvoudig om aan te leren. Ik lieg niet wanneer ik je vertel dat ik in één dag in staat was om een eenvoudige bestaande website gebruiksklaar en updatebaar te maken via ExpressionEngine. Hoewel de broncode van EE vrij beschikbaar en aanpasbaar is, is het cms niet gratis te gebruiken in een commerciële omgeving. Dat hoeft in mijn ogen niet meteen een nadeel te zijn: als wederdienst kan je rekenen op hun uitstekende uitgebreide documentatie en de technische ondersteuning die je als EE klant krijgt is tot nu toe ongelooflijk snel en to the point gebleken.
Gebruiksvriendelijk voor mijn klanten
Op het eerste zicht leek de back-end mij klantonvriendelijk en dat is en was dan ook het grootste minpunt aan Expression Engine. Het is vaak wat zoeken naar de meest banale opties en onderdelen. Maar gelukkig kan je het cms vrij goed aanpassen via een uitgebreid rechtensysteem zodat mijn klanten toch op een overzichtelijke en duidelijke manier hun weg vinden in het updategedeelte van hun websites. Dit is essentieel in mijn ogen. Ik wilde een cms dat ook voor computerleken eenvoudig te gebruiken is.
Ik kan nog een tijdje doorgaan maar de bovenstaande punten zijn voor mij de meest belangrijke. Ter informatie geef ik je nog een lijstje mee van andere contentmanagementsystemen die ik meer of minder uitgebreid heb getest: CMS Made Simple, Modx, Wordpress, Joomla!, Textpattern, Plone en Drupal. Om één of meerdere van bovenstaande redenen hebben deze het echter niet gehaald.
Categorieën: ExpressionEngine, Opinies, Webomgeving,
Zwarte tekst op een witte achtergrond
2 Nov 2008•Als je even snel honderden jaren boekdrukkunst en typografie overloopt, dan merk je gauw dat het gros van de gedrukte boeken bestaat uit zwarte tekst op wit papier. Dat duidelijke contrast tussen de letterkleur en de achtergrondkleur zorgt er natuurlijk voor dat we aangenaam kunnen lezen.
Ook de letterkleur van tekst die op schermen gelezen wordt, contrasteert best sterk met de achtergrondkleur om makkelijk leesbaar te zijn. Maar is zwarte tekst op een witte achtergrond ook hier de heilige graal? Mogen we met andere woorden deze typografische waarheid van honderden jaren boekdrukkunst zomaar overnemen op het web? Als we de websites van het gros van de Belgische kranten bekijken, dan lijkt dat zo te zijn.
DE PROEF OP DE SOM
Maar laat ons toch maar even op onderzoek uitgaan. Hier vind je een webpagina waarop tweemaal dezelfde tekst te lezen is. Aan de linkerkant zie je zwarte tekst (#000 voor de techneuten onder ons) op een witte achtergrond, aan de rechterkant donkergrijze tekst (#444) op een witte achtergrond. Welke vind jij het aangenaamst lezen?
Mijn gevoel neigt alvast naar de rechterkant. In het linker stuk lijkt het contrast tussen letter en achtergrond té drastisch. De rechter tekst staat zachter en leest naar mijn mening een stuk comfortabeler.
WAAR ZIT DAN HET VERSCHIL?
Wat in de wereld van drukwerk een bewezen waarheid is, lijkt op het web niet te werken. Een wit blad papier kan je nu eenmaal niet vergelijken met een wit vlak op een computerscherm. Als je even de gordijnen dicht doet en het licht uitlaat dan snap je wel wat ik bedoel: een scherm straalt licht uit; opdringerig licht.
Dat licht zorgt er voor dat het contrast tussen schermwit en schermzwart groter is dan dat tussen papierwit en drukzwart. En téveel contrast blijkt de leesbaarheid niet te bevorderen.
Conclusie
Webteksten laten we best niet té fel laten contrasteren met de achtergrond. We kiezen dus beter voor grijs-wit ten nadele van zwart-wit. Uiteraard werkt om het even welke andere kleurcombinatie die een aanvaardbaar contrast oplevert even goed. Hier zijn enkele goede online voorbeelden in verschillende kleurcombinaties. Ook eervolle vermeldingen voor onder andere deze Belgische dagbladen: De TIjd, Het Belang Van Limburg en Le Soir.
Niet geheel terzijde: alles hangt natuurlijk in grote mate af van de lichtomstandigheden van zowel het scherm (de meeste schermen kan je dimmen) als de omgeving. Als de zon op je scherm invalt, dan lijkt een zwart-wit scenario altijd beter leesbaar dan wanneer je in het donker op je computerscherm staart.
Wat vertelt jouw gevoel en je persoonlijke leeservaring op het web over deze typografische kwestie? Ik hoor graag je mening.
Categorieën: Ontwerp, Typografie, Opinies, Webomgeving,
Suf surfen op zondag
19 Oct 2008•Heb web spuwt een onafgebroken stroom van informatie onze kant uit. Vaak is het pompen of verzuipen. Hier is een korte selectie van wat ik in de afgelopen week hoogst interessant vond.
Online productvideo’s
Vooreerst even als aanvulling op mijn post over online productvideo’s: Soundcloud heeft naast een mooi logo ook een mooie productvideo online gezet. Je kan het filmpje niet missen op hun homepage. De video van Silverback (onderaan de pagina) lijkt dan weer een stuk minder interessant. De video duurt te lang en is helemaal niet to the point.
Verder over video
Eric Velleman van Accessbility heeft het in dit artikel over hoe je video op een toegankelijke manier op je website kan plaatsen. Helemaal bovenaan het artikel kan je een voorbeeldvideo zien van de Nederlandse spoorwegmaatschappij NS, inclusief captions en audiobeschrijving voor blinden en doven. (Via)
Ode aan Josef Müller-Brockmann
Via Wilson Miners blog kwam ik terecht op een Flickr set met posters van de uitstekende Zwitserse ontwerper Josef Müller-Brockmann. Gewapend met Helvetica, eenvoudige vormen en een bijzonder goed oog voor evenwicht en spatiëring was Müller-Brockmann één van de voorvechters van een gridgebruik in de grafische vormgeving.

Wat als je sterft?
Josef Müller-Brockmann overleed helaas in de vorige eeuw. En over doden gesproken: Tech Rader heeft in de afgelopen week een opmerkelijk artikel online geplaatst (in het Engels weliswaar). Het geeft antwoorden op de vraag wat er gebeurt met je ‘online profiel’ als je sterft. Waar gaan je websiteprofielen, blogcommentaren, websites en foto’s naar toe?
Rotis FF
Sander Baumann breide dinsdag een vervolg aan zijn interessante Font Series, een reeks blogposts waarin de specialist in bewegwijzering foto’s post van gevonden typografie. Deze keer laat Baumann foto’s zien van de Rotis Font Family. Een aanrader.
Categorieën: Webomgeving,
Online productvideo’s: tips en voorbeelden
15 Oct 2008•Video op het web is hot. YouTube maakte het medium enkele jaren geleden ongemeen populair en is tot op de dag van vandaag een van de meest bezochte websites wereldwijd.
Maar ook steeds meer bedrijven gebruiken videofilmpjes om hun producten online voor te stellen. Op het Belgische internet is er nog niets van te merken, maar in Noord-Amerika is het een duidelijke trend. Vooral softwarefirma’s lijken ervoor te vallen.
Hieronder zie je een still uit een promotiefilmpje voor de iPod Touch van Apple, waarin een vriendelijke dame je kernachtig alle uitleg verschaft over het toestel.
Hoewel de meeste van die filmpjes vaak eenvoudig in elkaar zitten, zijn ze heel effectief. In een mum van tijd kunnen ze een potentiële klant overtuigen van de kracht van het aangeboden product. De klant zelf kan zien hoe het product werkt en aanvoelt, en hoeft daar niet eens zijn stoel voor uit.
Hieronder vind je enkele bijkomende voorbeelden samen met wat tips voor de ondernemers onder jullie die een testrit op hun eigen website wel zien zitten.
1. Hou het kort en krachtig
De aandacht van bezoekers verslapt snel. Grijp ze dus bij de keel voor ze wegklikken. Lange inleidingen en uitweidingen zijn uit den boze. Kom meteen ter zake. Niet alles over je product moet aan bod komen, enkel de echte verkoopsargumenten die twijfelaars over de streep kunnen trekken.
Hoewel Apples iPod Touchfilmpje (screenshot hierboven) professioneel overkomt, duurt het volgens mij té lang om de aandacht vast te houden.
In dat opzicht levert Vara Software beter werk. Op de productpagina van ScreenFlow krijg je een uitstekend introductiefilmpje te zien. In een minuutje tijd krijg je van de presentator alle belangrijke productinformatie te horen en kan je je een idee vormen van hoe de software werkt.
2. Zorg voor een alternatief voor je filmpje
Campaign Monitor (screenshot hieronder) overloopt gevat de belangrijkste kenmerken van zijn software meteen op de homepagina aan de hand van tekst en foto’s. Daarnaast vind je een link naar een introductievideo als aanvulling op de tekstuele presentatie van het product. Niet iedereen wil jouw video zien, zorg dan ook altijd voor een alternatief.
3. Niet te opdringerig als het even kan
Laat je bezoekers zelf beslissen of ze je filmpje willen zien of niet. Start daarom de beelden niet automatisch wanneer je webpagina geladen wordt maar voorzie een duidelijke knop: ‘Bekijk het voorstellingsfilmpje’. Dat is ook wat DropBox heeft gedaan, zoals je kan zien in onderstaande screenshot. Nu kan de bezoeker zich voorbereiden op dat filmpje: volume aanpassen, radio wat stiller, even checken of de baas niet in de buurt is…
4. Integreer het filmpje in je bestaande website
37signals toont helemaal bovenaan op de introductiepagina van hun product HighRise (screenshot hieronder) een foto van de werkruimte van het programma. Die foto verandert in een filmpje wanneer je erop klikt. Lekker makkelijk.
5. Verzacht de downloadtijd
Maar bovenstaande integratie heeft ook nog een ander niet te onderschatten voordeel op het vlak van gebruiksvriendelijkheid: je geeft je bezoeker iets te lezen terwijl het filmpje laadt. Ook tijdens minder interessante videopassages valt er altijd wat op te pikken van de tekst rondom het filmpje.
Ook Vara Software past die techniek toe, bewust of onbewust. Onder hun ScreenFlowfilmpje kan je wat bijkomende informatie over het programma lezen. Zo ben je minder snel geneigd weg te klikken terwijl het filmpje laadt.
Wat zijn jullie ervaringen met productvideo’s op het web. Kijk je ernaar of vind je ze overbodig? Vind je het een vervelende trend of net heel bruikbaar? Zou je het overwegen zo’n filmpje op je eigen website te plaatsen? Ik ben benieuwd naar jullie reacties!
Categorieën: Marketing, Opinies, Webomgeving,
Tien tips om hoog te scoren op Google
8 Oct 2008•Iedereen wil zijn eigen website hoog zien staan tussen de zoekresultaten van Google. En terecht natuurlijk. Het heeft geen zin om tijd en geld te investeren in een website die niet gevonden wordt. Googles zoekmachine is vaak de poort tot online succes.
Hier zijn tien tips om hoog te scoren op de koning der zoekmachines. Het zijn eenvoudig toe te passen regels die deels gefundeerd zijn op mijn eigen ondervinding, deels door mensen van Google zelf zijn bevestigd. Succes gegarandeerd dus.
1. Ken je eigen zoektermen
Ga op zoek naar de zoektermen die mensen ingeven wanneer ze jouw website of jouw organisatie willen vinden. Als je een tandartspraktijk runt, weet dan dat de meeste mensen zoeken naar een ‘tandarts in gent’ en niet zozeer naar een ‘tandheelkundige in gent’.
2. Gebruik die zoektermen op je website
Dit is ongetwijfeld het meest essentiële punt: zorg er voor dat die belangrijkste zoektermen als tekst op je website voorkomen. Het staat best wel chique om uit te pakken als een tandheelkundige, maar Jan met de pet zoekt naar een tandarts, dus vooral dat woord moet op de belangrijkste plaatsen van je website te vinden zijn. Gebruik niet enkel vakjargon als je website ook door niet-ingewijden gevonden moet worden.
3. Gebruik html-tags correct
Google ziet je website niet zoals jij je website ziet. Googles robot leest enkel de code achter jouw website. Dus is het belangrijk dat je de html-code van je website goed opbouwt en de html-tags gebruikt waarvoor ze oorspronkelijk bedoeld zijn.
Als je even je html-handboekje erbij haalt dan zal je snel merken dat er een volgorde van belangrijkheid in de html-tags zit: eerst de title tag, dan de header tags (h1, h2, h3…) enzovoort. Het is op basis van die volgorde dat ook Google kan ontdekken welke woorden de belangrijkste zijn van jouw website.
Ook de description metatag is belangrijk: het is de inhoud van deze tag die vaak getoond wordt in de zoekresultaten. Andere metatags zoals keywords zijn helemaal niet meer belangrijk.
4. Kies een beschrijvende domeinnaam
Een domeinnaam als http://www.tandarts-gent.be zal door Google ongetwijfeld relevanter geacht worden wanneer iemand zoekt naar een ‘tandarts in gent’ dan http://www.debonne.be.
Maar de url van elke pagina op je website zelf is ook heel belangrijk. Stel je even voor dat onze tandarts een pagina op zijn website heeft over zijn excellente tandenservice. Een url als http://www.tandarts-gent.be/excellente-tandenservice is natuurlijk veel zoekmachinevriendelijker dan een onleesbaar gedrocht als http://www.tandarts-gent.be/index.php?id=234&article=931
5. Zorg voor links naar jouw website
Dit is een heel belangrijk punt: hoe meer links er naar jouw website te vinden zijn op het internet, des te belangrijker Google jouw website acht. En belangrijker is relevanter, redeneert de zoekgigant, dus wordt je website hoger in de zoekresultaten geplaatst.
6. En als het even kan: kernwoordrijke links
Ook de woorden die de link naar jouw website vormen zijn belangrijk voor Google. Een link op een blog als ‘klik hier voor een tandarts in Gent’ is minder interessant dan een link als ‘dit is mijn tandarts in Gent’. ‘Klik hier’ zegt niets over jouw website.
7. Stap af van oude technologieën
Frames zijn uit den boze. Google heeft het er moeilijk mee.
8. Tekst leest makkelijkst
Ook Flashanimaties, afbeeldingen en Quicktimefilmpjes zijn moeilijker te lezen door de Googlerobot dan gewone tekst. Als je dus per se een Flashwebsite wil, zorg dan voor een semantische en tekstrijke oplossing. Als je veel afbeeldingen gebruikt, maak dan gebruik van de alt tag. Laat je website dus bouwen door een professional met kennis van zaken.
9. Zet je organisatie op Google Maps
Google houdt natuurlijk van zijn eigen diensten en als het even kan zijn de eerste zoekresultaten websites van organisaties die via het bedrijvencentrum van Google zijn opgenomen op Google Maps. Je registreren is gratis, dus wat houdt je nog tegen? Andere interessante hulpmiddelen vind je in Googles centrum voor webmasters. Hier kan je bijvoorbeeld al je website manueel aan de Google-index toevoegen. Zeker en vast een goed begin!
10. Zorg voor regelmatige updates
Dit is eigenlijk een afgeleide van alle bovenstaande tips. Op een website die leeft komt regelmatig nieuwe interessante inhoud te staan. Dat is niet alleen tekst waarnaar gezocht kan worden, het is ook voer voor discussie op het internet: op blogs, forums, nieuwssites en bladwijzersites zou er dus wel eens een link naar je website gepost kunnen worden. En je weet ondertussen waarom die zo belangrijk zijn!
Probeer Google geen loer te draaien
Tot slot nog dit: het heeft geen zin om op je startpagina als enige tekst 20 keer ‘tandarts gent’ te plaatsen. Ook trucjes als zwarte tekst op een zwarte achtergrond plaatsen (onleesbaar voor mensen, leesbaar voor robots) zijn uit den boze. Google is slim genoeg om dit te doorzien waardoor je riskeert geschrapt te worden uit Googles index.
Ik wens je alvast veel succes met de zoekmachineoptimalisatie van je eigen website. Als je bovenstaande 10 regels opvolgt zul je zien dat je na enkele weken al een indrukwekkende Googleboost mag verwachten. Heb je zelf nog wat tips? Laat ze zeker weten als een reactie op deze blogpost.
Categorieën: Marketing, SEO, Webomgeving,
Over
TheHotSeat is Thomas Byttebier, freelance webdesigner en user interface designer.
Op deze website blog ik over alles wat met webdesign en digitale vormgeving te maken heeft. Meer informatie over mij. @bytte op Twitter.
RSS Feed TheHotSeatLaatste blog posts
- Responsive web design
- Designer meetup Gent part 2
- Mobile first ontwerpen
- Sleepstreet: mijn eerste responsive ontwerp
- Ontwerpen zonder bladspiegel
Laatste reacties
- brand names op Responsive web design
- technical marketing op Mobile first ontwerpen
- Veerle op Responsive web design
- Christiane Peschen op Ontwerpen zonder bladspiegel
- ine op Responsive web design
Categorieën
Alle • ExpressionEngine • iPhone • Transistor • Marketing • SEO • Ontwerp • Typografie • Ontwikkeling • jQuery • PHP • Zend Framework • Opinies • Overige • Photoshop • Webomgeving




